Bewuste Bouwers, beste buren!

YOU, ME, (VIR)US – Nico de Vries (Bestuursvoorzitter Bewuste Bouwers)

Portret Nico de Vries

Artikel door: Barbara van Baarsel – Buro Barcode

We zijn aan het einde gekomen van een turbulente portrettenreeks, in een uitzonderlijke periode. We spraken vanaf het begin van het corona-tijdperk met mensen uit de bouwwereld om te zien hoe onze sterke sector zich staande houdt. En ook om te leren van elkaars insights en visies. Ter verbroedering en inspiratie. De geïnterviewde gaf met een prangende vraag het woord aan de volgende.

Toch sluiten we het nu af. Misschien wel omdat deze nieuwe wereld – zoals we haar nu al 10 maanden kennen – niet meer zo nieuw voelt. Of omdat we kunnen stellen dat de sector het ‘gewoon’ goed doet; er komen unieke samenwerkingen tot stand, het protocol ‘Samen veilig doorwerken’ geeft houvast en er blijkt ook nu ruimte voor innovatie en doorontwikkeling. Ook zijn er uitdagingen, maar zijn die er niet altijd?

Cassandra Vugts stelt haar vraag aan Nico de Vries

In het een-na-laatste gesprek van You, Me, (Vir)us stelt Cassandra Vugts, Managing Director SPARK Makers Zone, haar vraag aan Nico de Vries, bestuursvoorzitter Bewuste Bouwers: De rollen worden anders in de keten; er is alleen een digitale snelweg naar voren. De transitie is niet meer te stoppen, maar ik maak mij weleens zorgen over de snelheid ervan. Hoe kijk jij aan tegen die transitie en is het wel realistisch om het nu zo te versnellen, ten aanzien van de cruciale rol van opdrachtgevers, het volume en de repeteerbaarheid van innovaties?”

Nico: “Deze complexe vraag bestaat uit meerdere deelvragen en hypothesen. Ik vond het artikel met Cassandra interessant, en wil graag recht doen aan haar vraag door deze te ontleden.

Ten eerste haar hypothese dat de rollen in de keten veranderen: welke rollen verfletsen en welke versterken? De hoofdaannemer is wat mij betreft de integrator van het bouwproces. Zij organiseert  het gehele proces. Daar is specifieke kennis voor nodig en daar horen ook andere en bijzondere risico’s bij. Tegelijk zie ik ook dat gespecialiseerde onderaannemers en leveranciers een grotere rol in het proces krijgen omdat daar met name innovaties plaatsvinden, vooral op technisch gebied. Dat beeld vergelijk ik met de auto-industrie. Grote autobouwers stellen auto’s samen en maken daarbij intensief gebruik van toeleveranciers die innovaties inbrengen. Als we het over die verandering van rollen in de bouw hebben, kan ik de hypothese begrijpen. Toch denk ik dat het goed is dat de regie bij de hoofdaannemer ligt, met alle risico’s die daarmee verbonden zijn. Zo pleit ik al jaren voor een verdergaande rol voor de hoofdaannemer; de consument koopt in de toekomst een BAM-, een Heijmans- of een Ballast Nedam-woning (of misschien wel een Ikea-woning) omdat hij (inmiddels) weet wat voor kwaliteit hij daarmee in huis haalt. Vergelijk dat met de huidige situatie waarbij de consument een kavel koopt van een projectontwikkelaar en een koop-aannemingsovereenkomst sluit met de tamelijk anonieme aannemer met wie die projectontwikkelaar toevallig zaken heeft gedaan. Die verschuiving gaat mij nog niet hard genoeg… Overigens is dit geen pleidooi voor het grootbedrijf. Zeker regionaal kan ik mij voorstellen dat ook de kleinere partijen een merknaam in de markt zetten. Maar adel verplicht.

Ten tweede spreekt Cassandra over de digitale snelweg naar voren. Ik begrijp niet helemaal wat ze daarmee bedoelt. De toekomst is altijd voor ons en dat de toekomst digitaler zal zijn dan nu, is duidelijk. Bits & bites spelen al een veel grotere rol in het bouwproces dan een paar jaar geleden en dat gaat door. Er is geen enkele reden om te vermoeden dat de bouw daar niet in volgt en in die zin is de transitie niet meer te stoppen. Het is ook een autonoom proces dat gevoed wordt door de veranderende wereld. In die zin is de bouw eerder volgend dan sturend; ik geloof niet dat de bouwsector de maat slaat op het gebied van IT-ontwikkelingen. De technische vertalingen in de dagelijkse bouwpraktijk zijn vraag gestuurd. Ik sla even een brug naar SPARK Makers Zone; een plek waar geëxperimenteerd en geïnnoveerd wordt. Dit initiatief toont het belang aan van de ontwikkeling waarin de bouw nu nog erg volgend is.

Ten derde vraagt Cassandra zich af of we te snel gaan in de transitie. Ik zie dat niet zo en vind dat ook geen zorg. Ongetwijfeld heeft zij voor ogen waar het dan uit de bocht kan vliegen. Ik zou dat graag van haar horen.”

Een gedeelde zorg van iedereen is al maanden het effect van corona. Hoe gaat het met jou?

“Ik voel mij goed en bevoorrecht. Ik zit niet op de tiende verdieping op zestig vierkante meter met een klein balkonnetje en met kinderen die hun schoolwerk thuis moeten maken. En ik ervaar geen druk vanuit dagelijks werk, enkel de druk die ik mezelf opleg. Ja, ik ben tevreden, maar die anderhalve meter maatschappij zou ik liever verlaten; het is zo tegennatuurlijk. Iedereen heeft behoefte aan contact. Die 1,5 meter voelt koud…”

We kijken terug op 25 interessante visies en thought leadership. De rode draad van de gesprekken is dat in coronatijd gezocht wordt naar verdergaande samenwerkingen, zowel tussen opdrachtgevers en -nemers, als ook naar meer interactie met gebruikers en medewerkers, soms sector-overschrijdend. Deze ambitie vraagt om noodzakelijke veranderingen in techniek, systemen, processen en werkwijzen. Ook het gebrek aan genoeg vakmensen (en opleidingen) kwam vaak aan de orde in de gesprekken. Cassandra Vugts: “Vakkennis schiet te kort: zo weten stagiaires – in tegenstelling tot managers – alles van BIM. En uitvoerders en projectleiders moeten nu opgeleid worden door jongeren.” Hoe kijk jij daar tegenaan?

“Die zorg kan ik wel delen. Ik heb mijn examens nog met een rekenliniaal gemaakt, er waren geen rekenmachientjes, laat staan iPads. Elk jaar stromen er nieuwe mensen in die met hun opleiding weer helemaal bij zijn. Nieuwe generaties nemen nieuwe kennis mee en zodra ze tien jaar in het vak zitten, lopen ze feitelijk alweer achter. Dat is een wetmatigheid. Toch ben ik niet pessimistisch: ik zie ook hoe snel jongens en meiden, maar ook oudere generaties, de nieuwe ontwikkelingen oppikken en er uitstekend mee omgaan.”

Ook ambachtelijke vakkennis is veel waard; hoe verbinden we die vakkennis van de ‘traditionele’ bouw met digitale slimmigheid op de bouwplaats?

“Een ‘Leven Lang Leren’ is hierin van belang; er mag een grotere inspanning zijn vanuit de bouwers om mensen op te blijven leiden. Ook al meen ik dat de transitie een autonome ontwikkeling is, ik pleit wel voor opleiden en nog eens opleiden. De bouwbedrijven moeten dat voor hun mensen organiseren. Hoe verbind je die ambachtelijke kennis met de digitale ontwikkelingen? Door het gewoon te doen. Bij  BAM deden we een paar jaren geleden al een proef waarbij de bouwplaatsmedewerker een Google-bril kreeg waarmee hij de bouwtekeningen letterlijk driedimensionaal voor ogen heeft. Dat staat toch in groot contrast met wat hij gewend was: in weer en wind stoeien met een papieren A0, en dan ontdekken dat het ook nog de vorige versie betrof… De bouwplaats laat al zien dat het een plek van enorme ontwikkeling is, een plek waar geëxperimenteerd kan worden met handige vakkennis uit het verleden en de slimme techniek van nu.”

Welke ontwikkelingen in de bouwsector volg je op dit moment en wat vind je daar interessant aan?

“Ik interesseer mij enorm voor het contractuele aspect. Hoe contractvorming plaatsvindt tussen bouwers en grote opdrachtgevers zoals bijvoorbeeld RWS en waar de risico’s van bijvoorbeeld grote infraprojecten beheerst worden. Vroeger waren bouwopdrachten veelal Build Only. Alles werd voorgeschreven; de wijze waarop, wanneer, in welke volgorde en met welke materialen. Als er een scheur in de muur kwam, was dat niet het probleem van het bouwbedrijf als alles was gedaan zoals was voorgeschreven. Nu specificeert de opdrachtgever functioneel. Er moeten schepen door de sluis met een laadvermogen van 80.000 ton en met 12 meter diepgang. En zout en zoet water moeten gescheiden blijven. De bouwer mag vervolgens ontwerpen, financieren, bouwen en onderhouden. Met alle enorme risico’s van dien. Een aantal betrokkenen zegt dat het niet meer zo moet. Maar terug naar het verleden is ook geen optie.. Dát vraagstuk en het gesprek dat daarover gevoerd wordt, interesseren mij.”

Wat zou je in dat spel zelf direct aanpakken?

“Ik vind dat we te ver zijn doorgeschoten in het toedelen van risico’s aan marktpartijen die ze niet kunnen beïnvloeden of beheersen, zoals bijvoorbeeld risico’s die te maken hebben met het gedrag en de samenstelling van de ondergrond. In de huidige concurrentiestrijd zijn partijen te makkelijk bereid gebleken om die risico’s te dragen, zonder dat ze daar echt invloed op hebben en zonder er een verzekeringspremie voor in te rekenen.”

Wat zou je willen zeggen tegen politiek en opdrachtgevers?

“Zorg goed voor deze bedrijfstak! De sector is in macro-economische zin zo belangrijk voor Nederland en is zo essentieel voor ons dagelijks leven. Als bij wijze van spreken  het dak lekt, hebben we een bouwer nodig, als de deur klemt hebben we een bouwer nodig. Ook moeten er de komende 10 jaar jaarlijks 80.000 nieuwe woningen worden geproduceerd en staan opgaven zoals de verduurzaming van de gebouwde omgeving op de agenda. Je moet er toch niet aan denken dat er voortaan een telefoontje moet worden gepleegd naar Madrid of Parijs omdat daar de bedrijven zijn gevestigd die de dienst moeten komen leveren. Een goede bouwsector is van essentieel van belang voor Nederland!”

Bij Bewuste Bouwers staan houding & gedrag centraal. Wat is jou de laatste tijd opgevallen als het gaat om houding & gedrag in de sector?

“Het valt mij op dat er in het algemeen met grote toewijding wordt gesproken over de bedrijfstak door deelnemers van Bewuste Bouwers, maar ook sectorbreed. Bewuste Bouwers zijn echt bewust bezig met hun vak en dat heeft een positieve werking op houding & gedrag. Ik vind het indrukwekkend hoe de gedragscode in deze tijd wordt toegepast en aangescherpt, terwijl de werkzaamheden onverminderd doorgaan.”

Als hekkensluiter krijg je uiteraard ook letterlijk ‘het laatste woord’:

“We doen goede dingen bij Bewuste Bouwers, zoals ook Tjeerd Roozendaal (RWS) en Bart Smolders (Heijmans) aangeven in hun gesprekken met jou. De mensen die zijn geïnterviewd zijn allen zeer representatief voor de sector. In deze serie voelde ik de energie van de sector en die hebben we met z’n allen ontzettend hard nodig. Hulde aan het team en de buitengewoon succesvolle portrettenreeks die ik nu mag afsluiten. Ik wens iedereen een gezond en gelukkig jaar, het liefst zonder de 1,5-meter regel en met onverminderd veel toewijding voor onze mooie bedrijfstak.”

Lees ook:
YOU, ME, (VIR)US