Bewuste Bouwers, beste buren!

Ins & outs over Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging

De inwerkingtreding van de Omgevingswet zal op 1 januari 2022 plaatsvinden. Gelijktijdig zal ook de Wet kwaliteitsborging (Wkb) voor het bouwen inwerking treden. Wat houden de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging in en wat betekent dit voor de bouwsector? Hierbij een uitleg met ter afsluiting een belangrijke vraag.

Omgevingswet

De Omgevingswet bundelt 26 wetten uit de fysieke leefomgeving (bouwwerken, infrastructuur, watersystemen, water, bodem, lucht, landschap, natuur, cultureel erfgoed en werelderfgoed) tot één wet. Met de wet wordt het wettelijk kader voor verschillende onderdelen van de fysieke leefomgeving eenvoudiger. De Omgevingswet staat voor een goede balans tussen:

  • het beschermen (zorgen voor een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit en het bewaken hiervan)
    en
  • het benutten (gebruiken en verder ontwikkelen van de fysieke leefomgeving op basis van maatschappelijke behoeften) van de fysieke leefomgeving.

De praktische uitwerking van de Omgevingswet staat in de 4 Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB-s) en in de Omgevingsregeling.

De 4 AMvB-s

In deze besluiten wordt de wet uitgewerkt in praktische regels, te weten: 

Besluit activiteiten leefomgeving (Bal):
Dit besluit stelt rechtstreeks werkende rijksregels over activiteiten in de fysieke leefomgeving aan burgers, bedrijven en overheden in de rol van initiatiefnemer. Het gaat daarbij vooral om milieubelastende activiteiten en wateractiviteiten.

Het Besluit activiteiten leefomgeving geeft helder aan welke algemene rijksregels gelden voor bijvoorbeeld een glastuinbouwbedrijf, een betoncentrale, een tankstation, of voor het verrichten van activiteiten langs rijkswegen en Rijkswateren en voor activiteiten die van invloed zijn op cultureel erfgoed

Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl):
Dit besluit stelt algemene, rechtstreeks werkende regels over activiteiten met betrekking tot bouwwerken, zoals bouwen en slopen. Dit besluit is gericht tot een ieder die deze activiteiten verricht, in de praktijk vooral burgers en bedrijven. Hierin wordt tevens verwezen naar paragraaf in de landelijke Richtlijn bouw- en sloopveiligheid van de Vereniging Bouw- & Woningtoezicht Nederland, die gaat over ‘veiligheidsafstanden’.

Als een burger of bedrijf als onderdeel van zijn plannen ook iets wil bouwen of slopen, kan hij terecht in het Besluit bouwwerken leefomgeving. Hij kan in het Omgevingsbesluit vinden welke procedures hij moet doorlopen en wie het bevoegd gezag is.

Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl):
Dit besluit richt zich tot bestuursorganen en bevat de inhoudelijke normen voor de bestuurlijke taakuitoefening en besluitvorming.

Voor de gemeente, het waterschap, de provincie en het Rijk is daarnaast ook het Besluit kwaliteit leefomgeving van belang. Dit besluit schrijft voor welke regels het bestuursorgaan moet hanteren bij zijn omgevingsplan of verordening en welk beoordelingskader geldt bij vergunningen. In het Besluit activiteiten leefomgeving en het Besluit bouwwerken leefomgeving kan het bestuursorgaan vinden welke ruimte er is om maatwerk te bieden in aanvulling op de algemene rijksregels. Hiermee kan hij waar nodig extra ruimte creëren voor gewenste ontwikkelingen en innovaties, of juist strengere eisen stellen als de situatie hierom vraagt.

Omgevingsbesluit (Ob):
Dit besluit bevat de algemene en procedurele bepalingen voor de uitwerking van de instrumenten van de wet die voor een ieder van belang zijn, zowel voor overheden als voor bedrijven en burgers.

Het Omgevingsbesluit geeft ten slotte duidelijkheid over procedures en over instrumenten als milieueffectrapportage, kostenverhaal en financiële zekerheidstelling. Ook zijn hierin de regels te vinden rondom participatie en wordt uitwerking gegeven aan de projectprocedure.

Omgevingsregeling

In de Omgevingsregeling staan bijvoorbeeld regels over meet- en rekenmethoden en aanvraagvereisten voor vergunningen.

Vernieuwing stelsel omgevingsrecht

Het nieuwe stelsel bestaat uit de Omgevingswet, vier AMvB-s en de Omgevingsregeling. Bij inwerkingtreding gaan het invoerings- en aanvullingsspoor op in het hoofdspoor. Het invoeringsspoor regelt de overgang van de bestaande naar de nieuwe wet- en regelgeving. Bovendien vult dit spoor het hoofdspoor met enkele essentiële onderdelen aan. De ontwikkeling van wet- en regelgeving in het aanvullingsspoor maakt deel uit van lopende beleidsontwikkelingen op het gebied van natuur, bodem, geluid en grondeigendom.

Omgevingswet

Bron: Ministerie van BZK november 2019

Wet kwaliteitsborging (Wkb)

Het kabinet wil middels de Wet kwaliteitsborging (Wkb) en meer toezicht, dat bouwbedrijven de kwaliteit van hun werk beter controleren met als doel minder gebreken bij nieuwbouw en verbouw. In eerste instantie geldt het nieuwe stelsel alleen voor bouwwerken in de laagste risicoklasse, zoals bijvoorbeeld eengezinswoningen en simpele bedrijfspanden.

Kwaliteitsborging houdt in dat tijdens de bouw een onafhankelijke (private) kwaliteitscontroleur toezicht houdt. Deze zogenoemde kwaliteitsborger controleert tijdens het ontwerp en op de bouwplaats of een gebouw voldoet aan de wettelijke technische eisen.

Zo kan de bouwkwaliteit van gebouwen verbeteren door minder bouwfouten en gebreken, zoals bijvoorbeeld constructiefouten, brandonveilige situaties, onvoldoende isolatie of een slecht functionerende ventilatie. Ook hoeven bouwbedrijven minder kosten te maken voor het herstel van bouwfouten. En het werk van een onafhankelijke kwaliteitsborger wordt makkelijker en sneller, omdat de bouwers zelf al veel gecontroleerd hebben.

In de bouwmelding, die de technische vergunningplicht vervangt, geeft de initiatiefnemer aan welke kwaliteitsborger tijdens de bouw toezicht houdt. De kwaliteitsborger dient te verklaren of het gerealiseerde bouwwerk aan de bouwtechnische voorschriften voldoet.

Strenger bouwtoezicht en een betere aansprakelijkheidsregeling

Voor aannemers is het belangrijk om te weten, dat:

  • de aannemer is verantwoordelijk voor de gevolgen van alle gebreken in de bouw die hij zelf veroorzaakt heeft. Als er gebreken zijn, dan kan de klant de aannemer dwingen om de fouten te repareren. Ook als de klant deze fouten pas later ontdekt.
  • de aannemer moet de klant laten weten of en hoe hij zich heeft verzekerd tegen faillissement en risico’s op schade en gebreken. 
  • klanten kunnen, net als in de huidige situatie, 5% van het bouwbedrag (aanneemsom) parkeren bij de notaris. Nu gaat dit bedrag automatisch naar de aannemer als het gebouw klaar is. Vanaf 1 januari 2021 keert de notaris het geld aan de aannemer uit, wanneer de klant aangeeft dat alle gebreken zijn verholpen.
  • wanneer de kwaliteitsborger of de gemeente een probleem ziet, kan de gemeente de bouw stilleggen.
  • gemeenten blijven toetsen op omgevingsveiligheid, bestemmingsplannen en welstandseisen.

Weet jij al waar je als aannemer aan moet voldoen voor de omgevingswet?

Wil je meer informatie?

Kijk dan op de volgende websites van de Rijksoverheid:

Online informatiebijeenkomst Bouwend Nederland

Bouwend Nederland Regio Randstad Zuid organiseert op 18 en 19 mei 2021 een online informatiebijeenkomst, waarin je van A tot Z wordt meegenomen in beide onderwerpen. 

Meer info en aanmelden – klik hier