Bewuste Bouwers, beste buren!

YOU, ME, (VIR)US – Jacolien Eijer (Directeur Koninklijke NLingenieurs)

Door: Barbara van Baarsel – Buro Barcode

In deze portrettenreeks spreken we met mensen uit de bouwsector. We zijn in gesprek met brancheverenigingen, bouwbedrijven, ingenieurs, bestuurders, vastgoedexperts, oudgedienden en jonge honden, om te zien hoe onze sterke sector zich staande houdt in dit corona-tijdperk. Om te leren van elkaars insights en visies. Ter verbroedering en inspiratie. De geïnterviewde geeft met een prangende vraag het woord aan de volgende. Zo houden we deze ‘kettingbrief’ levend en relevant.

Ans Rietstra, COO bij ProRail stelt haar vraag aan Jacolien Eijer, directeur bij Koninklijke NLingenieurs:

“Hoe houd je duurzaamheid en innovatie in een crisistijd hoog op de agenda, zodat je in deze constellatie laat zien dat het nadrukkelijk tussen de oren van investeerders en gebruikers blijft?”

Jacolien: “Toen de crisis startte, hebben we direct samenwerking gezocht met opdrachtgevers en andere brancheverenigingen, met de boodschap: alles kán doorgaan, dus laten we dat alsjeblieft samen doen! Bijna als een mantra ging dat door de sector, wat resulteerde in gemeenschappelijke verklaringen en protocollen. In het begin was alles vooral praktisch geënt. Zonder veel aandacht, tijd en ruimte voor duurzaamheid en innovatie. Dat wilden we bij Koninklijke NLingenieurs wel, maar op dat moment was het voor de brede bouwsector het belangrijkste om de lopende opdrachten gaande te houden.

Maar, de grote opgave van vóór corona is niet weg. Het is alle hens aan dek om de woningbouwopgave en de duurzaamheids-, mobiliteits- en energietransitie te kunnen maken. Daarom denken we voor onze bouwsector niet aan compenseren, we doen de oproep aan de overheid om te investeren in de bouw. Want daarmee houd je ons aan het werk. Als de overheid daaraan kan bijdragen, snijdt het mes aan twee kanten, immers: wie betaalt, bepaalt. En dus kan de overheid als opdrachtgever eisen stellen op het gebied van duurzaamheid, innovatie en kennisontwikkeling. Ik nodig opdrachtgevers van harte uit om dat te doen!”

Wat houdt de rol van Koninklijke NLingenieurs in tijden van een crisis als deze in?

“Nu, meer dan ooit sinds ik directeur ben, is ons bestaansrecht duidelijk. Dat benoemen onze leden ook zelf in de brede calls die we hebben: “Als iemand nog twijfelde over het lidmaatschap zal die twijfel nu weggenomen zijn.” Het is ook niet zo gek; als iedereen er warmpjes bij zit, heb je misschien geen branchevereniging nodig. Maar nu is de urgentie groot en zorgen we er als vereniging voor dat we het ‘samen’ aankunnen. Het bijzondere is dat we in een vreemde situatie zitten waarin we ons op zich geen zorgen maken over de hoeveelheid werk, wat in ‘normale’ crises vaak wel het geval is. Nu zijn je mede-leden niet je grootste concurrenten in een kleiner speelveld, nu zijn het je metgezellen waar je mee samenwerkt om die enorme opgave die er ligt te kunnen realiseren.”

Die samenwerking komt onder andere tot uiting in de toetreding tot de woningbouwalliantie vorige week. Deze alliantie vindt dat Nederland zich uit deze crisis moet investeren, zeker nu wordt voorspeld dat de woningbouwproductie vanaf 2021 in een dip komt met een tekort van 419.000 woningen. Wat is volgens jou concreet nodig om die achterstanden in te halen?  

  1. “Het is zaak dat we mensen behouden. Er is namelijk een tekort aan vakmensen in de bouw, maar ook in de ingenieursbranche en bij ontwerpers is het dun bezaaid. Ook nieuwe aanwas is van belang; laten we talent de ruimte geven. Als we niet oppassen doen we twee jaar niets op deze arbeidsmarkt, en dan hebben we een verloren generatie!”
  2. “We hebben slimmere bouwmethoden nodig. Wat ons daar in de weg zit is de mate van versnippering in de sector. Dat zie je bijvoorbeeld op het vlak van veiligheid; bedrijven investeren in hun eigen veiligheidsprotocollen en campagnes, terwijl de ongevallen vaak te maken hebben met overdracht van informatie en verantwoordelijkheden tussen organisaties. Ik geloof niet dat we dat ‘ineens’ opgelost krijgen, maar die versnippering zit ons wel enorm in de weg bij het verbeteren en innoveren! Ondanks dat we al jaren op zoek zijn naar een oplossing, met onder meer de Bouw Digitaliserings Raad, Bouw & Techniek Innovatiecentrum en de Bouwagenda.”
  3. “Innovatie in digitalisering en industrialisering zou enorm helpen. De duurzaamheidsopgave maakt onze bouwwerken complexer. Door ze eerst digitaal te bouwen kunnen we sneller, veiliger en beter bouwen en de faalkosten beperken.”
  4. “De wijze van contracteren moet anders. En dat gebeurt nu, eindelijk. We hebben jarenlang gesproken over het minder juridisch maken van de contracten en nu staat in het handelingskader en in het vers getekend convenant dat het inderdaad het uitgangspunt is om ‘er samen uit te komen’. Anders kunnen we de problemen niet oplossen. In feite is dat een mega-innovatie die nu in de breedte wordt opgepakt!”

Welke invloed heeft Koninklijke NLingenieurs hierop?

“Die invloed ontdek ik eerlijk gezegd gaandeweg. Het begon bij het handelingskader dat als blauwdruk diende voor het convenant dat er nu ligt. Eerst wilden we zekerheid, samen met Bouwend Nederland, Techniek NL, Rijkswaterstaat en andere partijen. Maar dat is niet de koers voor de lange termijn, zo vonden de minister en branchevoorzitters in het bestuurlijk overleg. Door hen werd uitgesproken dat we elkaar nodig hebben om uit de crisis te komen. Vanuit deze basis zijn het handelingskader en het convenant vormgegeven en daarin hebben we onze achterban meegekregen. En het werkt! Als we signalen krijgen dat iemand zich er niet aan houdt, lichten we elkaar in en spreken we diegene erop aan. En ja, dat is al eens gebeurd, met resultaat.”

Terug naar de vraag van Ans Rietstra; hoe houd je als onderdeel van de woningbouwalliantie de thema’s innovatie en duurzaamheid ook nu onder de aandacht?

“Het lijkt erop dat de regering zal gaan investeren in infrastructuur en woningbouw als impuls voor de economie. En dat duurzaamheid hier als overkoepelende eis aan wordt verbonden, evenals innovatie. Die laatste twee mogen wat mij betreft steviger en vooral concreter aangezet worden. We zien nu wel al vragen vanuit de opdrachtgeverskant, zoals van een provincie die duurzaamheid in de projecten wil krijgen, maar niet goed weet hoe. We zijn vanuit Koninklijke NLingenieurs met een antwoord daarop bezig. Het zou goed zijn als we vaart maken hierin en niet alles helemaal willen uitdenken, filteren en analyseren, maar met een agile aanpak klaar zijn voor de toekomst!”

Hoe komt dat tot uiting in de praktijk?

“Deze crisissituatie geeft ons ruimte om het nú anders te doen, dus laten we dat dan ook doen. RWS heeft bijvoorbeeld ontzettend snel een taskforce in het leven geroepen, waarmee vertraging is voorkomen in de inkoopkalender. In het begin wilden wij meteen ook zaken ‘slim’ aanpakken en zorgen dat de inkoopoplossingen die we nu bedenken ook na corona standhouden. Dat klinkt heel leuk, maar moet niet het doel zijn. Dat gaat op een gegeven moment zelfs in de weg zitten. Mijn pleidooi is nu: bestempel projecten met een C (corona) of een V (versnelling) -stempel. Dan kun je buiten de lijntjes denken bij die gekozen projecten en daarmee op zoek gaan naar nieuwe oplossingen. Op de andere projecten creëer je juist rust. En mochten we goedwerkende snellere methoden bedenken voor inkoop, dan kun je altijd nog besluiten om die na Corona te blijven gebruiken.”

We zitten ongeveer drie maanden in deze bijzondere situatie. Hoe beleef je de periode zelf?

“Ik heb de eerste weken echt extreem lange en intensieve dagen gemaakt. Gelukkig hebben we een hond die we allemaal veelvuldig uitlieten… Hij heeft in ieder geval geen last van coronakilo’s. Aan de andere kant won ik veel tijd door niet te reizen door het land en werken digitale tools verbazingwekkend goed. Zeker voor een vereniging! Elke twee weken kan ik de helft van onze leden gesproken hebben, dat zou nooit lukken met live ontmoetingen. Daar leren we van. Tegelijk mis ik ook het persoonlijke contact.”

Hoe inspireer jij je achterban om lid te blijven of lid te worden van Koninklijke NLingenieurs en samen te werken om alle ambities aan te kunnen pakken?

“De behoefte om samen op te trekken en kennis te delen is er nu echt. Natuurlijk moet je wel met relevante onderwerpen komen voor de online sessies – die nu beter bezocht worden dan de live events van voor Corona. We staan beter in contact met onze leden dan voor de crisis. De gesprekken gaan over onder meer de investeringsimpulsen, waarover mensen mee willen denken. Ze willen ook graag de informatievoorziening uit eerste hand om te weten welke kant het opgaat. Logisch, dat is essentieel om een bedrijfsstrategie voor de toekomst op te bepalen.”

Bewuste Bouwers richt zich ook op de toekomst. De gedragscode wordt echter pas ingezet bij de uitvoering van projecten. Wat kun jij gebruiken van Bewuste Bouwers in het voortraject?

“Bewuste Bouwers heeft volgens mij een prima focus; de uitvoerende bouw. Het is wel zo dat veel van die uitvoering (zoals hoe je omgaat met je omgeving, het milieu of hoe je georganiseerd kunt werken op de bouwplaats) wordt bepaald door het ontwerp. Ingenieurs leggen een hele belangrijke basis voor de omstandigheden waar de bouwers in moeten werken. Die verbinding is nu nog redelijk beperkt, maar het lijkt mij zinvol om één of twee keer per jaar bij elkaar te komen om daarover te spreken.”

Welke vraag stel je aan Annet Bertram, Directeur-Generaal bij het Rijksvastgoedbedrijf?

“Ik wijs in mijn antwoord op de vraag van Ans Rietstra sterk naar de overheid om de boel in beweging te houden door investeringen te doen. Een investeerder mag en kan eisen stellen. Dat betekent dat de overheid in een sleutelpositie zit – ook voor wat betreft duurzaamheid en innovatie. Hoe zie jij dat?”

Lees YOU, ME, (VIR)US